6. Vijf historische mijlpalen

Bij de bestudering van de geschiedenis van het ziektebeeld AN, zijn er een vijftal sleutelmomenten aan te wijzen, die van grote invloed zijn geweest voor de wijze waarop AN-patiënten tot op de dag van vandaag worden behandeld.

Deze vijf kantelmomenten zijn bepalend geweest voor de gedachtenvorming over de oorzaak van AN, die hebben geleid tot de psychosomatische hypothese, waarop de huidige behandeling van AN nog altijd is gestoeld.

 6.1 De ontdekking van insuline (1922)

Type-1 diabetes, ook wel aangeduid met Juveniele Diabetes, is een auto-immuunziekte, die meestal ontstaat vóor het 20e levensjaar. Voordat het hormoon insuline voor behandeling beschikbaar kwam, bestond er geen behandeling voor deze, vaak nog zeer jonge, patiënten. Zij overleden, meestal totaal uitgedroogd en tot op het bot vermagerd, binnen een jaar na het begin van de ziekte. De enige behandeling, die nog enig uitstel van executie kon geven, was een extreem koolhydraatarm dieet. Na een trieste hongerstrijd, raakten deze patiëntjes tenslotte in een keto-acidotisch coma, waaraan ze korte tijd later zouden sterven.

*De Griekse arts Apollonius van Memphis bedacht de naam ‘Diabetes.’ Het betekent letterlijk ‘doorstroming’, want het lijkt erop dat de patiënten meer vochtverliezen, dan ze kunnen drinken. Vanwege de zoete urine werd de naam later uitgebreid tot ‘Diabetes Mellitus’: dat letterlijk ‘honingzoete doorstroming’ betekent.

 

Het was de Canadese arts Frederick Banting, die in 1921 ontdekte, dat het hormoon insuline in de alvleesklier (pancreas) wordt geproduceerd. Zijn theorie, dat de alvleesklier het hormoon insuline aanmaakt, kon hij bewijzen door zijn dierproeven met honden, die hij deed samen met zijn arts-assistent Charles Best. Niet veel later wist Banting aan te tonen, dat de insuline, bereid uit pancreasextracten van runderen, werkzaam was bij juveniele diabetes patiëntjes. Zijn behandeling kende aanvankelijk veel bijwerkingen, maar nadat hij samen met de biochemicus John McLeod de pancreasextracten had kunnen zuiveren, bleek insuline een wonderbaarlijk goed effect te hebben op patiënten met juveniele diabetes.