Epiloog.
Laat ik vooraf benadrukken, dat ik veel respect heb voor al die professionals, die mensen met eetstoornissen begeleiden. Ik weet hoezeer zij gemotiveerd zijn en hoe zij zich iedere dag weer inspannen, om deze patiënten te helpen. Zij doen dit uit volle overtuiging en met de inzet van hun, door jarenlange studie verkregen, expertise.
Mijn motivatie, om op zoek te gaan naar de wortels van het ziektebeeld AN, ontstond uit mijn fascinatie voor dit mysterieuze ziektebeeld, dat nog altijd zoveel jonge levens verwoest.
Ik ben mij ervan bewust, dat de uitkomsten van mijn onderzoek, zowel voor de therapeuten als voor de patiënten verwarrend kunnen zijn. Het is echter nooit mijn bedoeling geweest, bij het schrijven van mijn boek(en), om wie dan ook in een lastig parket te brengen. Ik weet hoeveel tijd en begrip het kost om eetstoornissenpatiënten te begeleiden. Uit eigen ervaring weet ik hoe moeilijk en frustrerend dit vaak kan zijn. Het is dan ook nadrukkelijk niet mijn bedoeling, om wie dan ook voor het hoofd te stoten.
Daarom heb ik lang geaarzeld om mijn bevindingen te publiceren. Reeds in maart 2022 had ik mijn onderzoek had afgerond. De ontdekkingen, die ik had gedaan beschreef ik in een eerste proefdruk, omdat ik mijn bevindingen eerst wilde delen met experts, waarvan ik het vermoeden had, dat zij gezien hun expertise, geïnteresseerd zouden zijn in de uitkomsten.
In totaal heb ik een vijftiental ‘hooggeleerde’ deskundigen benaderd met de vraag of zij mijn theorieën kritisch wilden toetsen. De experts, die ik benaderde waren; in eetstoornissen gespecialiseerde psychiaters, psychologen, kinderartsen, hersenwetenschappers en verder experts in metabole stoornissen, immunologie en kinderneurologie. Hun reacties had ik graag willen meenemen voor de definitieve uitgave.
Ik leefde in de veronderstelling, dat men wel nieuwsgierig zou zijn naar mijn bevindingen, die een mogelijke nieuwe behandeling voor deze afschuwelijke ziekte mogelijk zou maken. Dit bleek echter een misvatting. Niemand bleek geïnteresseerd om mijn werk lezen! Van de meesten kreeg ik überhaupt geen enkele reactie. Degenen die wel reageerden, gaven aan dat ze of de expertise misten of geen tijd hadden om het boek te lezen.
Uiteraard was ik teleurgesteld, maar ik vroeg mij af wat de reden zou zijn van deze massale afwijzing? Van enkele bevriende wetenschappers had ik intussen begrepen, dat het wetenschappelijke wereldje (met name dat van eetstoornissen experts) een nogal gesloten bastion is. Zoals ik later heb ondervonden. Zodra ik aangaf waar ik mee bezig was, werd het contact afgebroken!
Niet alleen bij de wetenschap, maar ook bij de uitgevers ving ik bot. Een tiental uitgevers benaderde ik, met de vraag of ze bereid zouden zijn om mijn boek uit te geven. Uiteindelijk bleek geen enkele uitgever geïnteresseerd te zijn om het boek in hun portfolio op te nemen. Men vond dat mijn theorieën nog niet bewezen waren en het onderwerp te ingewikkeld voor het algemene publiek. Het gevolg was dat ik zonder de steun van een redacteur mijn boek(en) heb moeten voltooien. Dat heeft mij veel tijd gekost. Mijn boek(en) zullen daarom ongetwijfeld nog taalkundige ongerechtigheden bevatten, maar ik hoop dat de lezer mij dat vergeeft.
Omdat de eerste versie van mijn boek nogal lijvig was uitgevallen, besloot ik om het onderzoek te splitsen in twee delen. Dit eerste deel behandelt de opvattingen over de ziekte en de pogingen tot behandeling van de patiënten, vanaf de ontdekking van de ziekte in de vroege twintigste eeuw tot aan de huidige tijd.
In het tweede boek beschrijf ik mijn zoektocht naar de biologische oorzaak van de ziekte. Dit deel is meer geschikt voor de medisch onderlegde lezers. Alhoewel ik ernaar heb gestreefd, om de fysiologische- en pathofysiologische mechanismen, die betrokken zijn bij AN, zoveel mogelijk in eenvoudige mensentaal te beschrijven. Daarmee hoop ik dat beide boeken voor een breder publiek toegankelijk zijn geworden.
Of ik daar in ben geslaagd, zal de lezer uiteindelijk zelf moeten beoordelen.