8. Wat zeggen de cijfers?
Hoeveel procent van de patiënten geneest van de ziekte, hoeveel blijven chronisch ziek en hoeveel patiënten overlijden jaarlijks aan deze ziekte? Dit zijn vragen, die worden beantwoord binnen het vakgebied van de epidemiologie.
Een drietal epidemiologische begrippen geeft inzicht over het aantal patiënten met een bepaalde ziekte.
- De incidentie, het percentage nieuwe patiënten dat jaarlijks de ziekte krijgt.
- De prevalentie, het totaal van patiënten dat per jaar aan de ziekte lijdt.
- De mortaliteit, het percentage patiënten dat aan de ziekte komt te overlijden.
- 8.1 Hoe vaak komt AN voor?
De werkelijke epidemiologische cijfers voor AN zijn, zelfs in Nederland, vaak lastig boven water te krijgen.
De algemeen gehanteerde epidemiologische data, zoals die meestal worden aangehouden en waarop het huidige landelijke beleid grotendeels is gebaseerd, komen van de website van de eetstoornissenkliniek Novarum.
De vraag is echter of deze cijfers wel kloppen?
- Prevalentie: In Nederland lijden jaarlijks ongeveer 5600 mensen aan AN.
- Incidentie: Per jaar komen er ongeveer 1300 nieuwe patiënten bij.
- Mortaliteit: Tussen 5-10% van de patiënten overlijdt uiteindelijk aan AN
- Herstel: het aantal patiënten dat geneest zou ongeveer gelijk zijn als dat er jaarlijks erbij komen (het totaal aantal patiënten zou daarom niet toenemen).
- Behandelresultaat: 45% herstelt (na jaren) volledig, 30% gedeeltelijk en 25% blijft chronisch ziek.
- Verdeling man-vrouw: > 95% van de AN-patiënten is vrouw.
- Leeftijd: De ziekte begint meestal in de puberteit en bij jongvolwassenen.
- Ziekteduur: gemiddeld zo’n 6-7 jaar, (van een half jaar tot tiental jaren).
- Recidiefkans: De kans op terugval is aanzienlijk. (30-35% van de patiënten)